Gotiek, kunst en architectuur uit de middeleeuwen

Gotiek, kunst en architectuur uit de middeleeuwen

 

Gotiek is een laat middeleeuwse kunststijl, die veelvuldig werd toegepast in kunst en architectuur. De stijl is vooral te zien in kerken, die het trotse middelpunt van een gebied vormden. De stijl kenmerkt zich door spitse bogen en gewelfde plafonds. In deze stijl werd vooral gebruik gemaakt van verticale bouw waardoor de gebouwen een hoge en smalle uitstraling kregen. Deze lijnen waren ook te onderscheiden in de schilder- en beeldhouwkunst. Als er menselijke figuren werden uitgebeeld, waren deze mensen lang en smal.

 

De Gotische kunst stijl werd toegepast in de periode van 1140 tot 1500. Deze stijl was de opvolging van de romaanse architectuur dat juist het tegenovergestelde beeld gaf en niet ver de lucht in ging. Daarnaast waren gebouwen uit de romaanse architectuur veel donkerder ingericht, terwijl de Gotiek juist gebruik maakte van veel licht door vensters van een groot formaat. Een bekend voorbeeld van een gotische stijl is de Notre-Dame in Parijs.

 

Pro Deo bouw

 

De gebouwen uit de Gotiek werden pro Deo gebouwd, ter ere van god. Het moest een beeld geven hoe het er in de hemel uit moest zien. In de periode van de Gotiek werden nieuwe bouwtechnieken gebruikt. Door het toepassen van een kruisribgewelf, kon met niet alleen hoger bouwen, maar de muren ook van meer venster ruimte voorzien. Men ontdekte dat een kruisribgewelf de druk op vier punten kon verdelen, in plaats van naar twee zoals dat het geval is bij een tongewelf. Daarnaast steunde het kruisribgewelf niet op de volledige muur en gaf dit mogelijkheden om grote vensteropeningen in het ontwerp te verwerken. Deze kennis was niet voorhanden in de romaanse architectuur. Door het gebruik van gebrandschilderde ramen, leek het net alsof er een signaal uit de hemel kwam.

 

 

 

 

Gotische kunst in combinatie met de architectuur

 

In die tijd maakte ook de kunst een verandering door. In de beginfase van de gotische tijd, werden de langgerekte gotische beelden aan een zuil bevestigd en hadden deze een decoratieve functie. Later werden de beelden meer los van de muur geplaatst waarbij de muur een achtergrond vormde. De beelden leken op deze manier meer te gaan leven en leken een beweging uit te stralen. Daarbij werd er meer volume gecreëerd door een betere vormgeving van de gewaden van de beelden. Hierdoor werden vormen van het lichaam zichtbaarder er werd ervoor gekozen om de gezichten wat realistischer en expressiever vorm te geven.

 

In de veertiende eeuw kregen de beelden een eigen functie en werden ze los gezien van de architectuur. Veel beelden kregen de functie als gebedsbeelden. Vooral Maria met Jezus op de arm of op schoot werd vaak afgebeeld.

 

De diverse perioden binnen de gotiek

 

De Gotiek is onder te verdelen in diverse perioden. De vroeggotiek was de bouwstijl, dat toegepast werd van 1140 tot 1200. De hooggotiek (ook bekent als de rayonnante- of middengotiek) stamt van 1200 tot 1300. De flamboyante gotiek of laatgotiek was de bouwstijl tussen 1300 en 1500. Veel bouwwerken vallen overigens in meerdere perioden, waardoor ook een ontwikkeling in stijl in één gebouw terug te vinden is. Reden hiervoor is dat de bouw van diverse bouwwerken tientallen jaren konden duren door gebrek aan geld en materiaal.

In de veertiende tot de zestiende eeuw ging gotiek over in de renaissance. Deze ontwikkeling vond eerst plaats in Italië waar de gotiek nooit echt wist door te dringen.

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *